Slachtoffers van pesten in de bovenbouw van het basisonderwijs

Doel: literatuur over pestslachtoffers is onduidelijk over de vraag of er twee (passieve en agressieve slachtoffers) of drie (passieve slachtoffers, agressieve slachtoffers en ‘bully-victims’) subtypen zijn te onderscheiden. De aandacht was met name gericht op een mogelijk onderscheid tussen slachtoffers die agressie jegens anderen laten zien: de agressieve slachtoffers en de ‘bully-victims’.

Deze studie had als doel hier antwoord op te krijgen. Tevens werd onderzocht of deze verdeling in subtypen verschillend is per sekse. Methode: de data werden verzameld onder 1229 kinderen (51% jongens) in de leeftijd van 9 tot 12 jaar van Nederlandse basisscholen. Hiervan zijn 183 kinderen (49% jongens) via peer nominaties als slachtoffer geïdentificeerd (victimisatiescore ≥ 0.5 SD).

Anders dan in eerder onderzoek, waar indeling in subtypen werd gemaakt op basis van a priori en willekeurig gekozen afkappunten, werd in dit onderzoek gebruik gemaakt van een combinatie van de hiërarchische en K-means clusteranalyse (bottom-up benadering).

Dit werd gedaan op basis van scores op agressie (leerkracht beoordeling) en pesten (peer nominaties). Resultaten: in de drie-clusteroplossing waren de drie slachtoffersubtypen het best te onderscheiden: passieve slachtoffers (61,7%) hadden lage scores op zowel agressie (z = -.27) als pesten (z = -.47), agressieve slachtoffers (27,3%) scoorden hoog op agressie (z = 1.03) maar niet op pesten (z = .37) en ‘bully-victims’ (10,9%) scoorden hoog op zowel agressie (z = 2.59) als pesten (z = 1.26).

Het onderscheid tussen de drie subtypen slachtoffers werd ook per sekse onderkend. Conclusie: dit onderzoek heeft bewijs gevonden voor de aanwezigheid van passieve slachtoffers, agressieve slachtoffers en ‘bully-victims’. Het vaststellen van het onderscheid in subtypen slachtoffers is van waarde voor de keuze van passende interventies.