|
Algemeen
Inleiding
Wat is pesten
Wat is digitaal pesten
Vormen van cyberpesten
Profiel van de dader
Profiel van het slachtoffer
Gevolgen van cyberpesten
Wat maakt cyberpesten zo populair
Onderzoeksgegevens
Preventie
en begeleiding
Hoe als hulpverlener helpen
Beschermen tegen cyberpesten
Cyberpesten en school
Volwassenen
Cyberpesten op het werk
Cyberstalken
Leerkrachten cyberpesten
Educatief materiaal
Info over bestaand materiaal
Zelf ontwikkeld materiaal
Aanverwante onderwerpen
Andere internetgevaren
Gevaar van spelletjes
Links naar andere
websites
Nederlandstalig
Engelstalig
Divers
Contact
Zoeken op deze site
Discussieforum
Cyberpesten en media(blog)
Disclaimer & copyrights
© Gerard Gielen Hasselt |
(Cyber)pesten
op het werk
1.
Pesten op het werk
Eén bedrijf op de vier in België kampt met pesten op de werkvloer,
ondanks het feit dat 84 procent zegt een antipestbeleid te voeren. Dit
bleek midden februari 2006 uit een internationaal onderzoek van het
sociale dienstenbureau Office Team. De studie werd uitgevoerd in 11
landen bij 1.765 personeelsmanagers, waarvan 206 in België. In België
stelt één op de vier ondervraagden te maken te krijgen met pesten op de
werkvloer. Koploper is Nederland, waar 39 procent van de ondervraagde
managers te maken heeft met pesten in het bedrijf, gevolgd door
Duitsland (38%), Nieuw-Zeeland (32% ), België, Luxemburg en Australië
(25%), Groot-Brittannië (24%), Ierland (23%), Frankrijk (15%) , Italië
(9%) en Tsjechië (6%). In België bestaat een antipestbeleid in 84 % van
de bedrijven. België staat daarmee aan kop samen met Ierland (91%),
Australië (87%), Groot-Brittannië (86%) en Nieuw Zeeland (75%). Italië
blinkt in negatieve zin uit. Een tiende van de bedrijven voert
onderneemt maatregelen tegen pesten. Italië wordt gevolgd door Frankrijk
(40%), Duitsland (43%), Luxemburg (44%), Tsjechië (48%) en Nederland
(60%). In alle deelnemende landen hebben een groter aantal bedrijven met
meer dan 100 werknemers een antipestbeleid vergeleken met bedrijven met
minder dan 100 werknemers. In België stelt 89 % van de
personeelsmanagers in bedrijven met meer dan 100 werknemers een
antipestbeleid te voeren, tegenover 78% in de kleinere bedrijven. Dat
betekent niet dat werknemers in grotere bedrijven beter gespaard blijven
van pesten op het werk. In alle landen met uitzondering van Duitsland is
het percentage HR-managers dat met pesten te maken krijgt groter in
grote bedrijven dan in kleine. Wereldwijd zegt 86 % van de ondervraagde
managers dat in hun bedrijf een vertrouwenspersoon is aangeduid, in
België is dat 95 procent. (De Standaard, 17/02/2006)
In elke werksituatie wordt wel eens geplaagd, zonder dat dit gevolgen
heeft voor de persoon die geplaagd wordt. Grappen uithalen of af en toe
een plagerijtje kunnen de sfeer zelfs levendiger maken. Er is echter een
groot verschil tussen plagen en pesten. Mobbing is niet zomaar een grap
uithalen met een van de collega’s, het is het structureel pesten van één
werknemer gedurende een langere periode (de gemiddelde duur is 15
maanden). Mobbing kan verschillende vormen aannemen, in de meeste
gevallen wordt het slachtoffer aan verschillende vormen tegelijk
blootgesteld. De meest voorkomende vorm is het roddelen op de werkvloer.
Het doel van de pesterijen is meestal het buitensluiten van het
slachtoffer. Dit proberen de pesters te bereiken door een sociaal
isolement te creëren. Het slachtoffer kan bijvoorbeeld letterlijk in een
hoekje weggestopt worden, zodat (bijna) niemand bij het slachtoffer in
de buurt komt. Systematisch zwijgen of weggaan zodra het slachtoffer
binnenkomt, zijn andere vormen van mobbing. De gevolgen van mobbing voor
het slachtoffer kunnen ernstig zijn. Vaak treden er gezondheidsproblemen
op zoals hoofdpijn, maag- en darmklachten, stress, slaapstoornissen etc.
De klachten kunnen chronisch worden als het pesten lange tijd aanhoudt.
Pesten, psycho-terreur, mobbing… verschillende termen voor hetzelfde
fenomeen. Sommigen willen het woord pesten niet gebruiken omdat het
kinderachtig zou overkomen. Een algemeen erkende term is 'mobbing'. Het
betekent letterlijk 'lastigvallen', zoals 'the Mob' (de maffia) vroeger
bareigenaars in Amerika treiterde. Het gaat om systematisch pestgedrag,
gericht op één persoon. Het hoeft geen betoog dat dergelijk gedrag
hinderlijke gevolgen heeft.
Mijnheer X: "Ik ben reeds twee jaar in ziekenverlof. Ik ben depressief
omdat mijn bazen mij pesten. Ik werk in een overheidsinstelling waar
opleiding een grote rol speelt. Men verbiedt mij die opleidingen te
volgen. Gewoon omdat ik mijn werk goed wil doen. Momenteel loopt er een
rechtszaak tegen mijn baas."
Prof. S. Lievens van de RUG: "Een aantal types van mensen wordt
gemakkelijker het slachtoffer van pesterijen. Zo zijn er bijvoorbeeld de
mensen die in zichzelf gekeerd zijn, de meer zwakke figuren die volgzaam
zijn, die werkslaaf zijn en die over zichzelf een negatief zelfbeeld
hebben of die met teveel zin voor perfectie hun werk doen. Anderzijds
zijn er de uitblinkers en de ambitieuzen. Tot slot zijn er ook allerlei
groepen van minderheden: etnische of seksuele minderheden,
ex-gedetineerden,…"
Hilde: "Ik werd gepest omdat er in mijn kledij een reuk hing die
afkomstig is van het gebouw waar ik woon. Ik werd daarom naar huis
gestuurd. De arts heeft vastgesteld dat er geen lijfgeur was. Ik heb het
probleem aangekaart bij de directeur-generaal. Hij heeft de pesters
aangemaand ermee te stoppen. De pesterijen zijn gedaan, maar het
probleem blijft toch hangen."
Mevrouw Z: "Ik werd gepest in een firma waar ik 40 jaar werkte. Ik was
58 jaar en kreeg het te verduren van nieuwe jonge collega's. Het was
drie tegen één. Ze maakten koffie voor iedereen behalve mij, ze draaiden
de verwarming dicht,… De directie had er geen oor naar, want ik moest er
maar twee jaar meer werken, maar met de nieuwelingen moesten ze nog
jaren verder."
Op de luchthaven van Oostende zijn vijf poetsvrouwen ontslagen. De reden
is de negatieve werksfeer die heerst onder het poetspersoneel. Volgens
de luchthavenmanager, Gino Vanspauwen, zijn de problemen niet recent.
,,Al zeven jaar zijn er twee kampen bij het poetspersoneel. De situatie
escaleerde toen een nieuw lid constant gepest werd. Na enkele
verwittigingen hebben we uiteindelijk vijf schoonmaaksters moeten
ontslaan.” (De Standaard, 22/11/2005)
2. Mobbing
Op de
website http://nl.prevent.be
wordt verwezen naar de Zweedse psycholoog en psychiater Heinz Leymann
die één van de eersten was die begin jaren tachtig op grote schaal
onderzoek deed naar pesterijen in werksituaties. Hij omschrijft mobbing
als treiterpogingen die regelmatig terugkeren en minstens een half jaar
duren. In de praktijk kan het zowel gaan om bruut geweld als om subtiele
pesterijen. Dit alles resulteert in mentale, psychosomatische en sociale
problemen. Er is ook bij volwassenen net zoals bij kinderen een
onderscheid tussen pesten en plagen. Als er sprake is van plagen, is er
geen sprake van systematiek en van ongelijkheid tussen beide partijen.
Iemand die geplaagd wordt komt voor zichzelf op. Iemand die gepest wordt
is niet in staat voor zichzelf op te komen. Een ander verschil is dat
plagen niet zo'n sporen nalaat als pesten. Pesten heeft ook de intentie
om iemand te kwetsen en schade te berokkenen. Plagen is niet negatief
bedoeld : zegt men soms wel eens : plagen is om liefde vragen. Maar
plagen wordt niet door iedereen als plagen gewaardeerd. Heel wat
misverstanden ontstaan als plaaggedrag pestgedrag is of deze vormen
begint aan te nemen.
Pesten kan op verschillende manieren gebeuren. Denk maar aan kinderen op
school: opmerkingen maken over het uiterlijk, systematisch boeken
verstoppen, elkaar negeren,... Dat is niet anders op het werk. Het kan
zelfs verder gaan: seksuele intimidatie (vooral bij vrouwen), beledigen,
ongewenste grappen en opmerkingen maken, computerbestanden wissen,
vervelend of helemaal geen werk geven. In uiterste gevallen kan het om
fysieke bedreiging en ongelijke behandeling gaan.
Leymann deelt de mobbing-activiteiten op basis van hun effecten in vijf
categorieën in:
activiteiten
-die de communicatie beïnvloeden: verbaal dreigen, management geeft de
kans niet om te spreken;
-die de sociale contacten lamleggen: collega's luisteren niet meer naar
wat het slachtoffer zegt, hij/zij werkt in een ruimte ver van de
anderen;
-die de persoonlijke reputatie beïnvloeden: roddelen, kwaadsprekerij,
grapjes over het uiterlijk;
-m.b.t. het werk: het slachtoffer krijgt geen werk meer of enkel
nutteloze taken;
-die het fysisch of psychisch welbevinden ondermijnen: gevaarlijk werk,
fysieke bedreigingen, ongewenst seksueel gedrag.
Recentelijk hebben ook werknemers ontdekt dat pesten ook een online
variant heeft. Dezelfde dingen die kinderen en jongeren met elkaar
uithalen gebeuren tussen volwassenen. Men stuurt haatsms’jes, er worden
e-mails verstuurd met roddels, enz. Typisch voor volwassenen is de vaak
seksuele of erotische annotatie die de digitale pestberichten krijgen.
Wanneer men iemand herhaaldelijk bestookt met dit soort e-mails of
sms’jes spreekt men over cyberstalken. Hieronder gaan we op beide
fenomenen. We willen hier eerst pesten op het werk in het algemeen
verder uitdiepen.
3.Oorzaken voor pesten op het werk.
Leymaan geeft voor oorzaken van pesten op het werk verschillende
motieven aan.
Een eerste factor is volgens hem de werkorganisatie. Zo is het bij 800
cases aangetoond dat mobbing gebeurt in extreem slecht georganiseerde
productie- en werkmethodes en dat het management zo goed als hulpeloos
en ongeïnteresseerd was. De werkorganisatie in dergelijke ondernemingen
leidt gemakkelijk tot conflicten en zorgt ervoor dat ze niet zomaar
opgelost kunnen worden. Het management is er niet toe in staat.
De tweede factor die Leymann aanhaalt als oorzaak van pesten is een
slecht conflictmanagement. Pesten zal veel gemakkelijker plaatsvinden in
een onderneming waar het management actief deelneemt aan conflicten en
dus aan de kant van bepaalde medewerkers gaat staan. Anderzijds kan ook
conflicten negeren hetzelfde resultaat hebben.
Onderzoek over de oorzaken van pesten is nog niet ver gevorderd.
Misschien daarom ziet de Nederlander Bob van der Meer het anders. Hij
ziet een crisis, verstoord evenwicht, als eerste oorzaak van pesterijen.
Dit verstoord evenwicht ontstaat door factoren binnen (machtsstrijd,
jaloezie,...) of buiten (slechte leiding door directeur,
machtsmisbruik,...) de groep. Ze leiden tot frustratie, die op haar
beurt verzet of agressie uitlokt. De agressie kent een positieve
uitlaatklep als men bijvoorbeeld gaat sporten. Op negatieve wijze kan
mobbing het gevolg zijn.
Bob van der Meer hecht ook belang aan het zondebokfenomeen of
-mechanisme als aanleiding voor pesterijen op het werk. Door vijandig
met elkaar om te gaan, ontstaan er vooroordelen die, als men er niets
aan doet, tot discriminatie leiden. Verder vermeldt hij ook nog
autoriteit, groepsdruk en karakter van de pester (er van genieten mensen
te treiteren).
Mobbing heeft gevolgen voor het slachtoffer. Maar vaak ondervinden niet
alleen de pester maar het hele bedrijf schade. Op basis van brieven van
en gesprekken met slachtoffers, besluit van der Meer dat er veel
mogelijke gevolgen zijn voor hen: zich passief of juist provocerend
gedragen, een laag zelfbeeld, weinig zelfvertrouwen, wantrouwen,
negatiever toekomstperspectief, psychosociale problemen, eetstoornissen,
verslavingen. Soms leidt het zelfs tot ontslag(name),
zelfmoord(poging),... Het is wel duidelijk dat de gevolgen en hun
intensiteit afhankelijk zijn van hoe het slachtoffer ermee omgaat en
ermee kan omgaan. Zo is bijvoorbeeld een goede fysieke en psychische
gezondheid van groot belang. Hetzelfde geldt voor de sociale
ondersteuning, onafhankelijkheid en capaciteiten.
Als de pester niet afgeremd wordt in zijn gedrag, blijft hij dit
voortdoen en gaat hij ook anderen, buiten het werk pesten. Volgens van
der Meer blijven andere capaciteiten of vaardigheden dan onbenut of
onderontwikkeld.
Het staat vast dat er ook gevolgen zijn voor de onderneming, maar die
zijn nog niet duidelijk omschreven en onderkend. Zo heeft Bob van der
Meer het o.a. over de kosten (verzuim, minder prestaties, tijd die erin
kruipt), groepsmentamiteit (imago), juridische processen, motivatie,
productkwaliteit, productiviteit, verzuim,…
( http://nl.prevent.be )
4. Antipestwet
In België hebben de wet van 11 juni 2002 en het Koninklijk Besluit van
11 juli 2002 de situatie van slachtoffers van pesterijen of geweld op
het werk versterkt. Wanneer een persoon feiten aangeeft die wijzen op
geweld, pesterijen of ongewenst seksueel gedrag op het werk, dan is het
aan de werkgever om het tegenovergestelde te bewijzen of om een einde te
maken aan de situatie en het slachtoffer te ondersteunen. De Belgische
wet voorziet eveneens een taak voor de vertrouwenspersoon en de
preventieadviseur. Die laatste bestudeert, als expert in de materie, de
aanklacht en stelt oplossingen voor aan de werkgever. De
vertrouwenspersoon staat onder andere de preventieadviseur bij en helpt
hem bij het ondersteunen van de slachtoffers.
Sinds de wet in voege is nam het aantal klachten voor pesten op het werk
aanzienlijk toe. In de eerste helft van 2004 werden er vier klachten per
dag genoteerd. In de beginperiode nadat de wet van kracht was geworden,
waren het er twee. Minister Freya Van den Bossche (SP.A), bevoegd voor
Welzijn op het werk, schreef dat toe aan de ruime bekendheid die de wet
kreeg. De antipestwet werkt dus blijkbaar goed en het aantal misbruiken
is beperkt. Opvallend genoeg worden er echter zeer weinig klachten voor
de rechtbank aanhangig gemaakt. Sinds de wet van kracht is, werden er
amper 15 vonnissen geveld. Bovendien werden alle klachten ongegrond
verklaard. In geen enkele beslissing werd het bestaan van het pestgedrag
bevestigd. (http://www.standaard.be/)
Marc De Vos, docent arbeidsrecht aan de UGent noemt het hele gebeuren
rond de antipestwet is bijzonder onverkwikkelijk. Over de grond van de
zaak bestaat immers algemene eensgezindheid. Pesterijen horen niet thuis
op de werkvloer, en een goed personeelsbeleid vergt terzake preventieve
en curatieve maatregelen. Voor de onderneming rijmt verantwoordelijkheid
hier trouwens met eigenbelang, want pestgedrag is een kanker met een
kostenplaatje aan ziekteverzuim, personeelsverloop,
kwaliteitsvermindering en productiviteitsverlies. Bescherming van de
werknemer en belang van de onderneming sporen samen en vormen een goede
voedingsbodem voor ondersteunende en sensibiliserende regelgeving.
Het schrijnende lot van de postbode die door het pestgedrag van
collega's tot zelfmoord werd gedreven, katapulteerde de pestproblematiek
in de media en op de politieke agenda. Surfend op de mediagolf koos
minister Onkelinx voor de vlucht vooruit onder de vorm van een algemene
antipestwet. Maar haar geesteskind werkt niet omkaderend en
ondersteunend: het is een rigide en betuttelende wet die zowel in de
privé-sector als in de publieke sector de strijd tegen pesterijen
formaliseert en juridiseert.
De minister van Werk, Peter Vanvelthoven (SP.A), wil de antipestwet
grondig hervormen, zegt hij in Dag Allemaal. Uit een onderzoek (april
2006) blijkt dat een op de zeven Belgen het slachtoffer van pesten op
werk is. Vanvelthoven wil dat pesten vroeg genoeg wordt opgemerkt.
Daarom wil hij dat er in zoveel mogelijk bedrijven naast de
preventieadviseur ook een interne vertrouwenspersoon wordt aangesteld.
Die moet geschoold zijn in het ontdekken van pesterijen vooraleer
dergelijke situaties uit de hand lopen. Tegelijk wil de minister ook
misbruiken van de bestaande wet tegengaan. Zo zal een klacht pas worden
aanvaard na een gesprek met de deskundige of vertrouwenspersoon en met
een duidelijke motivering. De werkgever zal in tegenstelling tot nu de
werknemer nog kunnen ontslaan, als diens ontslag niets met zijn klacht
te maken heeft. De arbeidsrechter komt enkel nog tussenbeide als de zaak
niet binnen het bedrijf kan worden opgelost. (Bron : De Standaard
18/04/2006)
5. Algemene tips bij pesten op het werk.
Herkenning van de kenmerken.: Een eerste belangrijke stap is dat je zelf
de kenmerken van pesten op het werk herkent. Durf het gedrag waar jij je
niet goed door voelt op je job te benoemen. Eens je het erkend hebt,
moet je er ook effectief iets aan willen doen. Als je het werk niet
graag doet en toch van job zal veranderen, is het misschien niet nuttig
te veel energie te steken in veranderen van de situatie. Wie graag in
dezelfde onderneming wil blijven werken kan misschien iets hebben aan de
tips die hierna volgen.
Verlies je evenwicht niet.: Het doel van pestgedrag is het
destabiliseren van de slachtoffers. Misschien kan het nuttig zijn een
rustperiode in te lassen om psychische weerstand op te bouwen. In
sommige gevallen is het aangewezen om professionele hulp te zoeken om je
evenwicht te herstellen.
Laat je niet meeslepen door pestgedrag.: Het slachtoffer moet doen alsof
het hem allemaal niets kan schelen.
Reageren met agressie (zowel verbale als non-verbale) zorgt er enkel
voor dat je in de kaart van de daders speelt. Zij kunnen dan beweren dat
zij het slachtoffer zijn, of je kan in een vicieuze cirkel terechtkomen.
Wees steeds op je hoede.: Het slachtoffer moet opletten voor fouten van
zijn kant – zowel professionele als foute reacties. De daders zullen
immers willen bewijzen dat je je werk niet goed doet om je op die manier
buiten te werken. Blijf dus wantrouwig om niet in moeilijkheden te
geraken. Sociale ondersteuning: Sociale ondersteuning is erg belangrijk
om de daders zowel psychisch als moreel aan te kunnen. Maar het is niet
altijd evident om steun te zoeken bij naaste collega's. Je werkgever is
sinds 2002 bij wet verplicht om iemand in de firma aan te duiden, die je
hulp kan bieden: een vertrouwenspersoon en een gespecialiseerde
preventieadviseur.
Je kan klacht indienen bij:
-de vertrouwenspersoon of de preventieadviseur op je werk
-de medische inspectie van het Ministerie van Tewerkstelling en Arbeid.
-de plaatselijke politie
-het Arbeidsauditoraat of het parket van de Procureur des Konings.
Meer hierover vind je in de info over de wetgeving.
Er zijn ook verschillende instanties waar je terecht kunt.
-'Helpende Handen': zelfhulpgroep tegen pesterijen op het werk.
Hasseltsebaan 40 3290 Diest 013-67 43 02
-LUCINA: vorming vertrouwenspersonen Kasteel de Maurissens Weligerveld 6
3212 Pellenberg 016-33.89.88.
http://www.kuleuven.ac.be/lucina
-PREVENT: Instutuut voor preventie, bescherming en welzijn op het werk.
Gachardstraat 88 bus 4 1050 Brussel 02-643 44 44
http://www.prevent.be
-MOBBING: Praatgroep die maandelijks samenkomt met slachtoffers
Stichting Lodewijk de Raet p/a Antwerpse volkshogeschool,
Uitbreidingsstraat 470 2600 Berchem 03-844 21 41
Als je het ziet gebeuren: Je kan de daders aanspreken op hun gedrag. Het
slachtoffer steunen. Als een meerderheid op een afdeling de dader
duidelijk maakt dat het pestgedrag niet op prijs wordt gesteld, kan het
ook vanzelf ophouden. (
www.tegenpesten.nl )

|